Geplaatst op
07/04/2026
Leestijd
3 min leestijd
Categorie
Product Information Management

Er leeft een wijdverbreid misverstand over de Digital Product Passport-wetgeving: dat het iets is voor fabrikanten. Voor distributeurs en groothandels zou het allemaal wel meevallen. Dat klopt niet. En het is een misverstand dat bedrijven duur kan komen te staan.

De wet kijkt niet naar wie produceert, maar naar wie verkoopt

De ESPR-regelgeving legt de DPP-verplichting bij de economische operator die een product op de Europese markt brengt. In de praktijk is dat degene die het product als eerste in de EU introduceert. Als een fabrikant buiten de EU produceert en een Nederlandse of Belgische groothandel importeert en verdeelt, dan is die groothandel de verantwoordelijke partij. Niet de fabrikant in Azië, niet de retailer aan het eind van de keten.

Dat betekent concreet: als jij producten inkoopt buiten de EU en die verkoopt aan retailers, andere groothandels of eindgebruikers in Europa, ben jij degene die het DPP moet aanleveren. Die verantwoordelijkheid kun je niet doorschuiven naar je leverancier als die buiten de EU zit.

En als je alleen doorverkoopt binnen de EU?

Ook dan ben je niet automatisch vrij van verplichtingen. Als een EU-fabrikant het product met DPP op de markt brengt, moet jij als distributeur ervoor zorgen dat het paspoort meegeleverd wordt bij verdere verkoop. Je bent schakel in de keten en hebt een doorgeefplicht. Bovendien kunnen ketenpartners van grote inkooporganisaties tot retailers met eigen duurzaamheidsambities DPP-data als inkoopeis gaan stellen, los van wat de wet vandaag verplicht.

De praktijk leert dat compliance-eisen in supply chains sneller worden doorgevoerd dan wetgeving formeel vereist. Wie wacht op de officiële deadline, loopt het risico een tender te verliezen aan een concurrent die zijn data al op orde heeft.

Welke productcategorieën zijn het eerst aan de beurt?

De Europese Commissie werkt met een gefaseerde tijdlijn. Batterijen voor elektrische voertuigen en industriële batterijen boven 2 kWh moeten vanaf februari 2027 een DPP hebben. Textiel en banden volgen in 2027, meubels in 2028, elektronica in 2029. Het werkplan van de Commissie uit april 2025 bevestigt dat op termijn vrijwel alle fysieke producten in scope komen.

Voor een groothandel met een breed assortiment is de kans groot dat je nu al categorieën voert die vroeg in de tijdlijn vallen. Een snelle scan van je productportfolio geeft al snel inzicht in waar de urgentie het grootst is.

Wat heeft dit te maken met je productdata vandaag?

Een DPP is in essentie een gestructureerde verzameling productdata: materialen, herkomst, CO₂-voetafdruk, recyclemogelijkheden, unieke product-ID, die per SKU beschikbaar moet zijn en digitaal opgevraagd kan worden. Voor de meeste groothandels is dat een opgave, omdat productdata nu verspreid zit over ERP-systemen, leveranciersportals, Excel-bestanden en productdatasheets in allerlei formats.

Het goede nieuws: je hoeft dat niet in een keer op te lossen. Start met de productgroepen die het eerst in scope komen, breng de data-gaps in kaart en werk van daaruit stap voor stap naar een volledig ingerichte datastroom. Wie dat gestructureerd aanpakt, heeft ook meteen een betere basis voor zijn webshop, zijn verkoopteam en zijn klantcommunicatie. DPP-compliance en betere productdata gaan hand in hand.

Wat moet je nu doen?

De eerste stap is weten wat je in huis hebt. Welke productcategorieën voer je die vroeg in de DPP-tijdlijn vallen? Welke data heb je per artikel al beschikbaar en wat ontbreekt? Hoe kom je aan de ontbrekende informatie van je leveranciers? En welk systeem ga je gebruiken om die data te beheren en beschikbaar te stellen?

Wil je dieper duiken in hoe je jouw productdata future-proof maakt? Onderaan deze pagina kan je via het formulier onze ultieme gids downloaden. Daarin ontdek je hoe je met PIM, MDM en PLM structuur brengt in je data, efficiënter werkt en klaar bent voor wat komt.

Ontdek onze whitepaper

YOU GAC
Growing Together